Ga naar inhoud
Voorbeelden
KPMGLTP

KPMG assessment voorbeelden oefenen

Bekijk voorbeelden van KPMG-assessmentonderdelen via LTP of Harver (NOA) en bereid je gericht voor op veelvoorkomende testvormen.

Door de redactie van TestPrep · Bijgewerkt op

Voorbereiden op een KPMG-assessment

KPMG kan voor het assessment verschillende providers gebruiken, waaronder LTP en Harver (NOA). Welke onderdelen je krijgt, hangt af van de uitnodiging die je ontvangt. Daarom helpt het om te oefenen met voorbeelden van de vraagvormen die vaak terugkomen, zodat je sneller herkent wat er van je wordt gevraagd.

In de praktijk gaat het vaak om een combinatie van cognitieve capaciteitstests en aanvullende metingen, zoals persoonlijkheid of gedrag. Met gerichte voorbeelden bereid je je beter voor op de manier van denken, vergelijken en beslissen die in deze assessments centraal staat.

Probeer direct een voorbeeldvraag

Zo krijg je meteen gevoel bij de vraagstijl en de meerwaarde van de oefenomgeving.

Voorbeeld uit:Analogieën
Vallen staat tot struikelen als zweten staat tot ...

Voorbeelden van onderdelen die vaak terugkomen

Binnen KPMG-assessments zie je regelmatig figuurreeksen, matrixen, cijferreeksen, syllogismen, analogieën en numeriek inzicht. Ook rekenvaardigheid en het werken met tabellen of grafieken komen vaak voor. Deze onderdelen toetsen niet alleen kennis, maar vooral hoe je informatie ordent en onder tijdsdruk tot een afweging komt.

Bij figuurreeksen en matrixen draait het om het herkennen van patronen. Bij syllogismen en analogieën gaat het om logisch redeneren en het leggen van verbanden tussen begrippen. De numerieke onderdelen vragen juist om zorgvuldig omgaan met getallen, gegevens en snelheid.

Omdat de inhoud per uitnodiging verschilt, is het verstandig om de mail goed te lezen. Daarin staat meestal welke testonderdelen voor jouw assessment relevant zijn en op welke onderdelen je je voorbereiding het best kunt richten.

Oefenen met een beslissingsgerichte aanpak

Bij een assessment van KPMG is het vaak handig om niet alleen de oplossing te zoeken, maar ook te oefenen in het maken van een snelle en consistente keuze. Dat geldt vooral bij onderdelen waar meerdere antwoorden op het eerste gezicht plausibel lijken. Voorbeelden helpen je om te zien welke informatie echt beslissend is en welke details je juist moet negeren.

Een praktische voorbereiding begint meestal met het vergelijken van de vraagvormen. Zie je een reeks patronen, dan oefen je op het systematisch scannen van veranderingen. Gaat het om woorden of begrippen, dan train je op logisch gevolgtrekken. Bij numerieke voorbeelden ligt de focus op het snel interpreteren van gegevens en het beperken van rekenfouten.

Zo leer je niet alleen de inhoud, maar ook de beoordelingssituatie beter kennen. Dat maakt het eenvoudiger om tijdens het echte assessment rustig te blijven en je tijd effectief te gebruiken.

Concrete situaties om op te trainen

Een veelvoorkomend voorbeeld is een figuurreeks waarbij je moet bepalen welke vormlogica doorloopt in de volgende stap. Daarbij is het nuttig om te letten op veranderingen in rotatie, aantallen, richting of volgorde. Zulke voorbeelden helpen je om patroonherkenning te automatiseren.

Een ander type situatie is een cijferreeks of numeriek voorbeeld waarin je een trend of bewerkingsregel moet afleiden. Dan oefen je met het snel zien van toenames, afnames of terugkerende berekeningen, zonder je te verliezen in losse getallen.

Bij syllogismen en analogieën draait het vaker om een redenering op basis van uitspraken of verbanden. Oefenen met zulke voorbeelden maakt duidelijk hoe je conclusies zorgvuldig toetst en voorkomt dat je te snel op gevoel antwoordt.

Ook vragen waarin je gegevens uit een tabel of grafiek moet combineren met een rekensom zijn relevant. In zulke situaties is het belangrijk om eerst de juiste informatie te selecteren en daarna pas te rekenen. Dat sluit goed aan op assessments waarin nauwkeurigheid en tempo samen tellen.

Gericht kiezen wat je eerst oefent

Als je uitnodiging van LTP of Harver binnenkomt, is het slim om eerst te bepalen welke onderdelen daar precies in staan. Daarna kun je je voorbereiding beperken tot de vraagtypen die het meest waarschijnlijk zijn. Dat maakt je oefenwerk overzichtelijker en gerichter.

Werk vervolgens van herkenning naar uitvoering: begin met voorbeelden bekijken, oefen daarna de opbouw van de vraag en sluit af met tempo. Zo bouw je stap voor stap vertrouwdheid op met de onderdelen die in KPMG-assessments vaak voorkomen, zonder dat je je voorbereiding onnodig breed maakt.

Deze aanpak past goed bij functies op verschillende niveaus binnen KPMG, van analyst en associate tot senior associate, manager, director en partner. De inhoud kan verschillen, maar de basis blijft meestal hetzelfde: zorgvuldig lezen, logisch kiezen en onder tijdsdruk overzicht houden.

Veelgestelde vragen

Welke assessmentproviders gebruikt KPMG vaak?
KPMG gebruikt onder andere LTP en Harver (NOA) als assessmentprovider. Welke provider je krijgt, staat meestal in de uitnodigingsmail.
Welke onderdelen komen in een KPMG-assessment vaak voor?
Vaak gaat het om figuurreeksen, matrixen, cijferreeksen, syllogismen, analogieën, rekenvaardigheid en numeriek inzicht. Soms zijn er ook aanvullende vragenlijsten of andere opdrachten.
Waarom is oefenen met voorbeelden nuttig voor dit assessment?
Voorbeelden helpen je om de vraagvormen sneller te herkennen en bewuster te kiezen welke informatie belangrijk is. Dat is vooral handig bij onderdelen met tijdsdruk.
Waar vind ik welke onderdelen ik precies moet oefenen?
Dat staat meestal in de uitnodigingsmail van LTP of Harver. Daarin lees je welke testonderdelen en modules voor jouw assessment relevant zijn.
Voor welke functies is deze voorbereiding bedoeld?
De voorbereiding sluit aan op verschillende functieniveaus binnen KPMG, waaronder analyst, associate, senior associate, manager, director en partner.