KPMG assessment: uitleg en voorbereiding
Door de redactie van TestPrep · Bijgewerkt op
KPMG assessment: overzicht en verwachtingen
KPMG maakt gebruik van verschillende assessmentproviders, waaronder LTP en Harver (NOA). Afhankelijk van je uitnodiging ontvang je een online assessment met capaciteitstests, vragenlijsten en soms aanvullende opdrachten.
Deze pagina geeft uitleg over de opbouw van het assessment en helpt je inschatten wat je kunt verwachten. De exacte inhoud verschilt per functie en per uitnodiging, dus de mail die je ontvangt blijft het belangrijkste vertrekpunt.
De beschikbare oefenbundel sluit aan op veelvoorkomende onderdelen, zoals figuurreeksen, cijferreeksen, syllogismen, analogieën en numerieke vragen. Daarmee bereid je je gericht voor op de onderdelen die in de praktijk vaak terugkomen.
Probeer direct een voorbeeldvraag
Zo krijg je meteen gevoel bij de vraagstijl en de meerwaarde van de oefenomgeving.
Hoe de voorbereiding aansluit op de testonderdelen
De oefenmodules zijn opgebouwd rond de vaardigheden die in deze assessments vaak worden getoetst. Je werkt aan abstract redeneren, verbaal redeneren en numeriek redeneren, zodat je vertrouwd raakt met de manier van vragen stellen.
Bij figuurreeksen, matrixen en exclusie oefen je het herkennen van patronen en het logisch afleiden van een antwoord. Syllogismen en analogieën richten zich op verbanden tussen begrippen en conclusies. De numerieke onderdelen gaan vooral over rekenen, grafieken, tabellen en het snel verwerken van informatie.
De voorbereiding is bruikbaar voor verschillende functieniveaus binnen KPMG, van analyst en associate tot senior associate, manager, director en partner. Omdat niet elk assessment hetzelfde is, blijft het verstandig om de uitnodigingsmail zorgvuldig te lezen.
Wat je doorgaans ontvangt via LTP of Harver
Bij LTP gaat het vaak om online persoonlijkheidsvragenlijsten en capaciteitentests, soms aangevuld met een interview of simulatieopdracht. Harver gebruikt in deze context de NOA Cognitive Ability Assessment, met onderdelen zoals cijferreeksen, exclusie en analogieën.
De uitnodiging per mail of via het platform geeft meestal aan welke onderdelen je moet maken. Daarin staat ook welke modules voor jouw situatie het meest relevant zijn, zodat je gerichter kunt oefenen en je voorbereiding niet onnodig breed hoeft te maken.
Deze bundel helpt je vooral met vertrouwdheid, tempo en nauwkeurigheid. Dat is nuttig wanneer de vragen onder tijdsdruk worden afgenomen en je snel moet schakelen tussen verschillende typen redeneringsopgaven.
Praktische voorbereiding voor dit assessment
- Lees de uitnodigingsmail direct goed door en noteer welke onderdelen genoemd worden.
- Oefen de modules die aansluiten op de testvorm die je ontvangt, zoals cijferreeksen, matrixen of analogieën.
- Werk aan tempo en concentratie, zodat je tijdens het assessment rustiger en zorgvuldiger kunt antwoorden.
De beoordeling hangt af van de specifieke vraagstelling en van de combinatie van onderdelen in jouw traject. Door vooraf te oefenen op de meest voorkomende opgaven, vergroot je je vertrouwdheid met de opbouw en de inhoud.
Concrete situaties om op te trainen
Een veelvoorkomend voorbeeld is een figuurreeks waarbij je moet bepalen welke vormlogica doorloopt in de volgende stap. Daarbij is het nuttig om te letten op veranderingen in rotatie, aantallen, richting of volgorde. Zulke voorbeelden helpen je om patroonherkenning te automatiseren.
Een ander type situatie is een cijferreeks of numeriek voorbeeld waarin je een trend of bewerkingsregel moet afleiden. Dan oefen je met het snel zien van toenames, afnames of terugkerende berekeningen, zonder je te verliezen in losse getallen.
Bij syllogismen en analogieën draait het vaker om een redenering op basis van uitspraken of verbanden. Oefenen met zulke voorbeelden maakt duidelijk hoe je conclusies zorgvuldig toetst en voorkomt dat je te snel op gevoel antwoordt.
Ook vragen waarin je gegevens uit een tabel of grafiek moet combineren met een rekensom zijn relevant. In zulke situaties is het belangrijk om eerst de juiste informatie te selecteren en daarna pas te rekenen. Dat sluit goed aan op assessments waarin nauwkeurigheid en tempo samen tellen.